Genesis 9HTB2007

1God zegende Noach en zijn zonen en zei hun dat zij veel kinderen zouden voortbrengen, zodat de aarde weer werd bevolkt.

2"Alle wilde dieren, de vogels en de vissen zullen bang voor u zijn", vertelde God Noach, "want Ik heb ze in uw macht gegeven. Voortaan zullen zij een deel van uw voedsel zijn, net zoals het koren en de groenten.

3***

4Maar één ding mag u nooit doen: vlees eten voordat het bloed eruit is weggelopen.

5En ook moord is verboden. Dieren die mensen doden, moeten worden gedood, net zoals mensen die het bloed van andere mensen vergieten. Want als u het bloed van een mens vergiet, doodt u iemand die het evenbeeld van God is.

6***

7Ja, zorg dat u veel kinderen krijgt en bevolk de aarde."

8Toen zei God tegen Noach en zijn zonen:

9"Ik beloof u en uw kinderen en alle dieren, die bij u in het schip waren (de vogels, het vee en de wilde dieren) plechtig dat Ik de aarde nooit meer zal verwoesten met een grote watervloed.

10***

11***

12Als teken van dat verbond tussen Mij en alle levende wezens die na u op aarde zullen wonen, plaats Ik de regenboog in de wolken.

13***

14Als Ik de wolken langs de hemel laat glijden, zal de regenboog verschijnen en Mij aan mijn belofte herinneren: nooit meer een watervloed, die alle leven vernietigt.

15***

16Als de regenboog aan de hemel staat, zal Ik hem zien en denken aan het eeuwigdurende verbond tussen Mij en alle levende wezens op aarde."

17***

18De drie zonen van Noach heetten Sem, Cham en Jafeth (Cham is de voorvader van de Kanaänieten).

19Uit deze drie zonen van Noach zijn alle volken op aarde ontstaan.

20Noach werd boer, plantte een wijngaard en maakte wijn. Op een dag was hij dronken en lag naakt in zijn tent.

21***

22Cham, de voorvader van de Kanaänieten, bemerkte dat en vertelde het zijn broers.

23Toen zij dat hoorden, pakten Sem en Jafeth een mantel, liepen achteruit hun vaders tent in en bedekten zijn naakte lichaam met de mantel. Zij keken de andere kant op terwijl zij dat deden.

24Toen Noach uit zijn roes ontwaakte en hoorde wat er was gebeurd en wat Cham had verteld, vervloekte hij alle nakomelingen van Cham: "Er zal voortaan een vloek op de Kanaänieten rusten, zij zullen de slaven zijn van de nakomelingen van Sem en Jafeth!"

25***

26Hij vervolgde: "Gezegend zij de HERE, de God van Sem. Mogen de Kanaänieten de slaven van Sem zijn. God zegene Jafeth en late hem bij zijn broer Sem inwonen. Laat de Kanaänieten ook zijn slaven zijn."

27***

28Na de grote watervloed leefde Noach nog 350 jaar.

29Hij werd 950 jaar oud en toen stierf hij.

Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®

Choose Translation

Switch translation for Genesis 9.

Reading Settings

Paragraph viewDisplay verses as flowing paragraphs instead of individual lines
Show verse numbersDisplay verse numbers inline
Red letterHighlight the words of Christ in red

Sign in to save your reading preferences across sessions.