John 12HTB2007

1Zes dagen voor het Paasfeest ging Jezus naar Bethanië. Daar woonde Lazarus die Hij uit de dood weer tot leven had gebracht.

2De mensen uit Bethanië hielden ter ere van Hem een feestmaaltijd. Martha bediende daarbij. Jezus zat met Lazarus en de anderen aan tafel.

3Maria nam dure nardusolie, goot die over de voeten van Jezus en droogde deze daarna af met haar lange haar. De fijne geur van de nardus vulde het hele huis.

4Eén van de discipelen, Judas Iskariot, die Hem later verraden zou, zei:

5"Die olie is een kapitaal waard! Dat geld had beter besteed kunnen worden. U had het aan de armen kunnen geven."

6Niet dat hij zich zo om de armen bekommerde, maar hij was een dief. Hij hield de kas en van het geld dat binnenkwam, nam hij vaak iets weg voor zichzelf.

7"Laat haar toch begaan", zei Jezus. "Zij heeft dit gedaan als voorbereiding op mijn begrafenis.

8Er zullen altijd arme mensen zijn, maar Ik zal niet lang meer bij jullie blijven."

9Vele Joden hadden gehoord dat Jezus in Bethanië was en gingen er ook heen. Zij wilden niet alleen Jezus Zelf zien, maar ook Lazarus die door Hem uit de dood tot leven was gebracht.

10Van toen af aan waren de leidende priesters van mening dat ook Lazarus uit de weg geruimd moest worden.

11Want door wat er met hem gebeurd was, gingen vele Joden in Jezus geloven.

12De volgende morgen hoorde men dat Jezus op weg was naar Jeruzalem. Het nieuws ging door de stad. De grote menigte mensen, die voor het Paasfeest gekomen was,

13liep de stad uit Hem tegemoet. Zij hadden palmtakken in de hand en juichten uitbundig: "Alle eer is voor God! Alle eer is voor Hem, Die komt in naam van de Here! De koning van Israël!"

14Jezus zat op een jonge ezel die Hij gevonden had. Daarmee werden de woorden van de profeet Zacharia werkelijkheid.

15"Wees niet bang, volk van Jeruzalem! Uw koning komt op de rug van een jonge ezel." (A)

16Zijn discipelen begrepen toen nog niet wat dit allemaal betekende. Maar later, toen Jezus in de schitterende heerlijkheid van God was gekomen, werd hun duidelijk dat deze woorden met betrekking tot Hem waren geschreven. Zij hadden ze voor hun ogen werkelijkheid zien worden.

17De mensen die erbij waren geweest, hadden iedereen verteld dat Jezus Lazarus uit het graf had geroepen en weer levend had gemaakt.

18Daarom gingen zovelen Hem tegemoet. Zij hadden gehoord wat een machtig wonder Hij had gedaan.

19De Farizeeërs zeiden tegen elkaar: "Het helpt allemaal niets! De hele wereld loopt achter Hem aan."

20Enkele Grieken die naar het Paasfeest waren gekomen om God te aanbidden,

21kwamen bij Filippus en vroegen: "Kunnen wij Jezus ontmoeten?"

22Filippus vertelde het aan Andreas en samen gingen zij naar Jezus om het Hem te vragen.

23"Het is nu zover dat Ik de hoogste eer en heerlijkheid zal ontvangen", antwoordde Jezus.

24"Wat Ik jullie zeg, is de waarheid: Een tarwekorrel moet in de aarde vallen en sterven; anders blijft het een tarwekorrel zonder meer.

25Als zij sterft, brengt zij veel vrucht voort. Wie zijn leven liefheeft, raakt het kwijt. Maar wie zijn leven in deze wereld niet liefheeft, krijgt eeuwig leven.

26Als iemand Mij dient, moet hij Mij volgen. En waar Ik ben, moet ook mijn dienaar zijn. Als iemand Mij dient, zal de Vader hem eren.

27Ik ben erg bang en weet niet wat Ik moet zeggen. Moet Ik zeggen: 'Vader, bevrijd Mij van wat Mij te wachten staat'? Nee, want juist daarvoor ben Ik gekomen.

28Vader, Uw naam krijgt alle eer." Er kwam een stem uit de hemel: "Ik heb Hem alle eer gegeven en Ik zal Hem nog eens alle eer geven!"

29De mensen om Hem heen hoorden het ook. De meesten beweerden dat het een donderslag was geweest. Anderen zeiden dat een engel iets tegen Hem had gezegd.

30"Die stem is er niet voor Mij geweest, maar voor u!" zei Jezus.

31"Nu wordt het oordeel over de wereld uitgesproken. Het is zover dat de overheerser van deze wereld wordt weggejaagd.

32Als Ik boven de aarde uitgetild ben, zal Ik allen naar Mij toe trekken."

33Daarmee bedoelde Hij dat Hij aan het kruis zou sterven.

34De mensen antwoordden: "Er staat in de Boeken dat de Christus er altijd zal blijven. Waarom zegt U dan dat U boven de aarde uitgetild zult worden? Bent U de Christus wel?"

35"Het licht zal niet lang meer bij u zijn", antwoordde Jezus. "Loop in het licht zolang het kan. Want als de duisternis u overvalt, ziet u de weg niet meer.

36Vertrouw op het licht, zolang u het licht hebt. Dan zult u kinderen van het licht zijn." Daarna trok Hij Zich terug en verborg Zich voor hen.

37Ondanks de vele wonderen die Hij voor hun ogen had gedaan, geloofden de meeste mensen niet dat Hij de Christus was.

38Op hen waren de woorden van de profeet Jesaja van toepassing: "Wie heeft geloofd wat wij vertelden? En wie heeft ingezien dat God Zijn hand in al deze wonderen had?" (B)

39Jesaja heeft geschreven dat zij niet konden geloven.

40"God heeft hun ogen blind en hun hart ongevoelig gemaakt. Hij wilde niet dat zij inzicht en begrip zouden krijgen. Anders zouden ze naar Hem toekomen en zou Hij hen moeten genezen." (c)

41Jesaja schreef hier over Jezus, want hij had Zijn schitterende heerlijkheid gezien.

42Toch waren er heel wat vooraanstaande Joden, die wel geloofden dat Jezus de Christus was. Maar zij durfden er niet voor uit te komen, omdat zij bang waren dat de Farizeeërs hen uit de synagoge zouden verjagen.

43Zij vonden het belangrijker wat de mensen van hen zeiden, dan wat God van hen dacht.

44"Wie op Mij vertrouwt", riep Jezus uit, "vertrouwt eigenlijk op God Die Mij gestuurd heeft.

45En wie Mij ziet, ziet God, Die Mij gestuurd heeft.

46Ik ben als licht naar de wereld gekomen om ieder die op Mij vertrouwt uit het donker te halen.

47Als iemand hoort wat Ik zeg en zich er niets van aantrekt, zal Ik hem niet veroordelen. Ik ben niet gekomen om de wereld te veroordelen, maar om haar te redden.

48Wie Mij afwijst en niet luistert naar wat Ik zeg, zal op de laatste dag veroordeeld worden; en wel door het woord dat Ik gesproken heb.

49Want Ik heb niet uit Mijzelf gesproken, maar Ik heb gezegd wat Mij is opgedragen door mijn Vader, Die Mij heeft gestuurd.

50Hij heeft Mij opgedragen de mensen eeuwig leven te geven. Daarom zeg Ik alleen wat mijn Vader Mij verteld heeft."

Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®

Choose Translation

Switch translation for John 12.

Reading Settings

Paragraph viewDisplay verses as flowing paragraphs instead of individual lines
Show verse numbersDisplay verse numbers inline
Red letterHighlight the words of Christ in red

Sign in to save your reading preferences across sessions.