Zechariah 8HTB2007

1Opnieuw sprak de HERE van de hemelse legers tegen mij:

2"Ik ben zeer verontrust (zelfs ziedend van toorn) over wat Jeruzalems vijanden haar hebben aangedaan.

3Ik zal terugkeren naar mijn land en in Jeruzalem gaan wonen. Jeruzalem zal 'Stad van Trouw', 'De Heilige Berg' en 'De Berg van de HERE van de hemelse legers' worden genoemd."

4De HERE belooft: "Jeruzalem zal weer vrede en veiligheid kennen. Er zullen weer ouderen zijn die, leunend op hun stok, door de stad gaan.

5Overal in de stad zullen weer kinderen spelen.

6Al lijkt het in uw ogen ongelooflijk, zou het daarom ook in mijn ogen een onhaalbare zaak zijn?" vraagt de HERE aan het geringe aantal overlevenden van Zijn volk.

7"Kijk", zegt de HERE van de hemelse legers, "Ik ga mijn volk bevrijden uit de landen in het oosten en het westen of waar het zich ook bevindt.

8Ik zal de mensen terugbrengen naar hun eigen land en zij zullen in Jeruzalem wonen. Zij zullen mijn volk zijn en Ik zal hun God zijn, eerlijk en rechtvaardig en toch zal Ik hun zonden vergeven!"

9De HERE van de hemelse legers spoort Zijn volk aan met de woorden: "Ga door met uw werk en maak het af! Aarzel toch niet langer! Want vanaf het moment waarop u de fundamenten van de tempel legde, hebben de profeten u verteld van de zegeningen, die u te wachten staan wanneer de tempel klaar is.

10Voor de aanvang van dit werk viel er voor niemand iets te verdienen en leverde het vee niets op. Wie de stad verliet, kon nooit met zekerheid zeggen dat hij zou terugkeren, want de misdaad tierde welig en de vijand lag op de loer.

11Maar nu is het allemaal anders!" zegt de HERE van de hemelse legers.

12"Uw gewassen groeien goed, de wijnstokken buigen onder het gewicht van de druiven en het land is vruchtbaar, want er valt ruim voldoende regen. Al deze zegeningen schenk Ik aan het volk dat nog in het land over is.

13Want zoals u een vervloekte bent geweest onder de volken die u omringden, volk van Juda en Israël, zo zult u nu een zegen zijn, want Ik zal u heil en verlossing geven. Wees daarom niet bang en laat de moed niet zakken. Ga door met de herbouw van de tempel.

14Zoals Ik Mij had voorgenomen u kwaad te doen toen uw voorouders mijn toorn opwekten, en Ik geen berouw had van mijn besluit,

15zo heb Ik Mij nu voorgenomen Jeruzalem en de stam Juda te zegenen. Wees daarom niet bang.

16Dit is wat L moet doen: Spreek de waarheid tegen elkaar, laat het bij de rechtspraak eerlijk toegaan en zoek daarbij het beste voor elkaar,

17smeed geen boze plannen tegen elkaar en zweer niet dat iets waar is als het n!et zo is! Want al dit soort dingen haat Ik hartgrondig", zegt de HERE.

18De HERE van de hemelse legers stuurde mij nog een boodschap:

19"Uw traditionele vasten en rouwperioden in de vierde, vijfde, zevende en tiende maand zijn nu voorgoed voorbij. Het zullen nu vrolijke feesten worden als u de waarheid en de vrede maar liefhebt."

20Dit belooft de HERE van de hemelse legers: "Mensen uit alle delen van de wereld zullen een pelgrimstocht maken naar Jeruzalem en de stad binnenstromen. Zij komen uit talloze vreemde steden om deze feesten bij te wonen. Zij zullen vrienden uit andere steden uitnodigen met de woorden: 'Laten we naar Jeruzalem gaan om de HERE te vragen ons te zegenen en Hem te aanbidden. Ik ga! Ga je mee?'

21***

22Ja, talloze volken, waaronder ook machtige naties, zullen naar de HERE van de hemelse legers in Jeruzalem komen om te vragen om Zijn zegen en hulp."

23De HERE van de hemelse legers zegt ook: "In die tijd zullen tien mannen uit tien verschillende volken een Joodse man bij de mouw grijpen en zeggen: 'Wij gaan met u mee, want wij hebben gehoord dat God met u is."

Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®

Choose Translation

Switch translation for Zechariah 8.

Reading Settings

Paragraph viewDisplay verses as flowing paragraphs instead of individual lines
Show verse numbersDisplay verse numbers inline
Red letterHighlight the words of Christ in red

Sign in to save your reading preferences across sessions.