Psalms 35HTB2007

1Een lied van David. HERE, als sommigen met mij argumenteren, wilt U dan voor mij antwoorden? Als iemand mij aanvalt, vecht U dan voor mij terug.

2Neem Uw wapens en kom mij te hulp!

3Ga in de aanval tegen mijn achtervolgers. Laat mij weten dat U mij zult verlossen!

4Laat hen, die mij willen doden, maar voor schut staan. Laat hen, die slechte plannen tegen mij beramen, maar beschaamd afdruipen.

5Verstrooi hen als kaf in de wind, op het moment dat Uw Engel hen neerslaat.

6Zij gaan op donkere, glibberige wegen en de Engel van de HERE achtervolgt hen daarop.

7Want zonder aanleiding spanden zij een net voor mij en groeven een valkuil om mij in te vangen.

8Ik hoop dat zij zonder het te merken, zelf omkomen. Dat zij in hun eigen kuil zullen vallen.

9Ik verheug mij in de HERE; ik zing een loflied over Zijn hulp en bevrijding.

10Alles in mij juicht: HERE, wie kan U evenaren? U bevrijdt arme en beproefde mensen van hen die de overmacht hebben en hen beroven.

11Leugenachtige getuigen nemen het woord en vragen mij dingen die ik helemaal niet weet.

12Zij vergelden goed met kwaad. Mijn ziel is eenzaam geworden.

13Zelf heb ik mij direct in rouwkleding gestoken toen zij ziek waren. Ik vernederde mij voor U met vasten en gebed.

14Ik liep rond alsof het mijn broer of mijn vriend betrof; ik ging in het zwart alsof mijn moeder was gestorven; ik vernederde mij.

15Toen ik zo rondliep, lachten zij om mij en liepen te hoop om mij te zien. Vechtjassen, die ik niet eens kende, drongen zich aan mij op. Zij maakten mij onophoudelijk bespottelijk.

16Een heel stel ongelovige, spotlustige lieden bedreigde mij.

17Here, hoe lang laat U hen nog hun gang gaan? Verlos mij toch, ik ben eenzaam. Laten zij mij niet verslinden.

18Als U dat doet, zal ik temidden van alle gelovigen U loven. U prijzen waar iedereen bij is.

19Laten mijn valse tegenstanders toch geen plezier over mij hebben! Er zijn er die mij zonder reden haten!

20Zij zijn niet op vrede uit. Zij maken slechte plannen, gericht tegen hen die in rust en stilte leven.

21Zij bedreigen mij en zeggen: "Ha! Wij hebben het wel gezien!"

22U ziet alles, HERE, wilt U optreden? Och Here, laat mij niet in de steek!

23Sta op en vecht voor mijn recht; God, mijn Here, voert U voor mij het woord in de rechtzaal.

24Laat Uw recht over mij beslissen, HERE, mijn God; zodat zij geen leedvermaak over mij kunnen hebben.

25Dat zij niet kunnen denken: "Ha! Nu gebeurt wat wij willen! Wij hebben hem eronder gekregen!"

26Laten zij zich maar schamen, al die mensen die op mijn ondergang zitten te wachten. Ik hoop dat allen die mij verachten, te schande worden gezet.

27Maar ik wil dat alle mensen die verlangen naar mijn vrijspraak, zullen juichen en zich verheugen. Dat zij voortdurend de HERE zullen grootmaken en zeggen: "De HERE trekt Zich het lot van Zijn geliefde dienaar aan."

28Zelf zal ik dag in, dag uit over Uw rechtvaardigheid spreken en U loven en prijzen.

Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®

Choose Translation

Switch translation for Psalms 35.

Reading Settings

Paragraph viewDisplay verses as flowing paragraphs instead of individual lines
Show verse numbersDisplay verse numbers inline
Red letterHighlight the words of Christ in red

Sign in to save your reading preferences across sessions.