Numbers 15HTB2007

1De HERE gaf Mozes de volgende instructies om aan de Israëlieten door te geven: "Wanneer u bent aangekomen in het land, dat Ik u zal geven

2***

3en u wilt de HERE eren met een brandoffer of een ander vuuroffer, dan moet u een schaap, een geit of een rund offeren. Elk offer (hetzij een gewoon offer of een gelofte-offer, een vrijwillig offer of een speciaal offer, dat u brengt op één van de jaarlijkse feesten) moet samengaan met een spijsoffer. Als u een schaap offert, gebruik dan 2,2 liter fijn meel, gemengd met 0,9 liter olie,

4***

5samen met 0,9 liter wijn als drankoffer.

6Als u een ram offert, gebruik dan 4,4 liter fijn meel gemengd met 1/3 liter olie,

7samen met 1/3 liter wijn als drankoffer. Dit zal een offer zijn met een aangename reuk voor de HERE.

8Als u een jonge stier offert, moet het begeleidende spijsoffer bestaan uit 6,6 liter fijn meel, gemengd met 2/3 liter olie

9***

10en een drankoffer van 2/3 liter wijn. Dit zal met vuur worden geofferd tot een aangename reuk voor de HERE.

11Dit zijn de voorschriften voor de spijsoffers die een brandoffer van een stier, een schaap, een ram of een jonge geit moeten begeleiden.

12***

13Deze voorschriften gelden zowel voor geboren Israëlieten als voor buitenlanders, die bij u wonen en die de HERE willen eren met een brandoffer.

14***

15Want hier geldt dezelfde wet voor Israëlieten en buitenlanders en dit zal van generatie op generatie zo blijven; allen zijn gelijk voor de HERE. Ja, er is één wet voor allen!"

16***

17Vervolgens zei de HERE tegen Mozes: "Zeg tegen de Israëlieten dat wanneer zij aankomen in het land dat Ik hun zal geven,

18***

19zij de HERE een deel van hun eerste oogst van elk jaar moeten geven. Zij moeten van het gerstemeel een koek maken, die staande voor het altaar aan de HERE als beweegoffer moet worden geofferd. Het is een jaarlijks offer van uw dorsvloer en moet van generatie op generatie in ere worden gehouden.

20***

21***

22Stel dat u of een latere generatie onopzettelijk nalaat de instructies die de HERE u door Mozes heeft gegeven, uit te voeren.

23Wanneer u zich realiseert wat u fout hebt gedaan, moet u een jonge stier als brandoffer offeren. Het zal een aangename reuk voor de HERE zijn en het moet worden geofferd met het normale spijs en drankoffer en een bok als zondoffer.

24***

25De priester zal verzoening doen voor alle Israëlieten en het zal worden vergeven; want het was geen opzet en zij hebben het goedgemaakt met hun brandoffers en zondoffer voor de HERE.

26Allen die tot het volk Israël behoren, zullen vergeving ontvangen (ook de buitenlanders die bij hen wonen) want de hele bevolking is betrokken bij een dergelijke vergissing en de vergeving daarvan.

27Als iemand deze overtreding zonder opzet heeft gemaakt, zal hij een eenjarige geit als zondoffer offeren

28en de priester zal verzoening over hem doen tegenover de HERE; dan zal hij vergeving ontvangen.

29Hetzelfde geldt voor de buitenlander die bij u woont.

30Maar iemand die deze overtreding opzettelijk maakt, ongeacht of hij een geboren Israëliet of een buitenlander is, beledigt de HERE en zal worden verstoten uit het volk.

31Want hij heeft de wet van de HERE veracht en opzettelijk geweigerd deze te gehoorzamen. Hij moet worden gedood en zal op die manier voor zijn zonde boeten."

32Op een dag, toen het volk Israël in de woestijn verbleef, werd één van hen betrapt bij het houtsprokkelen op de sabbat.

33Hij werd voor Mozes, Aäron en de andere rechters gebracht.

34Zij sloten hem op in afwachting van de beslissing die de HERE over hem zou nemen.

35Toen zei de HERE tegen Mozes: "Deze man moet sterven; het hele volk moet hem buiten het kamp stenigen."

36Zij brachten hem buiten het kamp en doodden hem, zoals de HERE had opgedragen.

37De HERE zei tegen Mozes: "Zeg de Israëlieten dat zij gedenkfranjes aan hun kleren maken. In de franje aan de hoeken van hun kleren moeten zij een blauwpurperen draad verwerken.

38***

39Als zij die franje zien, zullen zij denken aan mijn inzettingen en wetten en aan het feit dat zij die moeten gehoorzamen in plaats van hun eigen verlangens te volgen, zoals gebeurde toen zij andere goden dienden.

40Het zal u eraan herinneren dat u heilig moet zijn voor uw God.

41Want Ik ben de HERE, uw God, Die u uit het land Egypte bevrijdde. Ja, Ik ben de HERE, uw God."

Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®

Choose Translation

Switch translation for Numbers 15.

Reading Settings

Paragraph viewDisplay verses as flowing paragraphs instead of individual lines
Show verse numbersDisplay verse numbers inline
Red letterHighlight the words of Christ in red

Sign in to save your reading preferences across sessions.