Jeremiah 29

HTB2007

1Nadat koning Jechonja, de koningin-moeder, de hooggeplaatsten aan het hof, de stamleiders en handwerkslieden door Nebukadnezar naar Babel waren gedeporteerd, schreef Jeremia hun vanuit Jeruzalem een brief, die hij adresseerde aan de Joodse leiders, de priesters en profeten en aan alle andere mensen, die daarheen waren overgebracht.

Sign in to keep reading

Create a free account to read this chapter and the rest of Scripture on BibleTools.io.