Ephesians 6HTB2007

1Kinderen, gehoorzaam je ouders. Dat is goed omdat de Here hun gezag over jullie heeft gegeven.

2"Eer je vader en je moeder." Dat is het eerste van de Tien Geboden en er is een belofte aan verbonden:

3"Als je je vader en moeder eert, zal het je goed gaan en zul je een lang leven hebben."

4Ouders (A), behandel uw kinderen zo dat zij niet dwars en haatdragend worden. Voed ze zo op dat ze de Here leren volgen en liefhebben.

5Slaven, gehoorzaam uw aardse meesters met eerbied en ontzag. Dien hen met uw hele hart, zoals u Christus dient.

6Werk niet alleen goed als uw meester toekijkt, maar ook als hij u alleen laat. Doe uw werk als een dienaar van Christus, die van ganser harte wil doen wat God vraagt.

7***

8U weet toch dat de Here u zal belonen voor alle goede dingen die u gedaan hebt, of u nu slaaf bent of vrij man.

9Slaveneigenaars, u moet op uw beurt uw slaven goed behandelen. Spreek hen niet dreigend toe. U moet niet vergeten dat u zelf slaven van Christus bent. U hebt dezelfde Meester als zij en voor Hem bent u elkaars gelijken.

10Tenslotte nog dit: Word sterk door één met de Here te zijn en Zijn grote kracht in u te laten werken.

11Bewapen u met alle wapens die God ons geeft. Dan zal de duivel met zijn slinkse streken u geen kwaad kunnen doen.

12Want wij vechten niet tegen mensen, maar tegen onzichtbare wezens: De duivelse heersers en machten, die deze donkere wereld tiranniseren, een heel leger van boosaardige geesten in de onzichtbare wereld om ons heen.

13Bewapen u dus met al Gods wapens om u te kunnen verdedigen als de vijand aanvalt. Dan zult u, na grote dingen te hebben gedaan, ongeslagen uit de strijd tevoorschijn komen.

14Maak u klaar! Doe de gordel van de waarheid om en gesp het borstpantser van de rechtvaardigheid aan.

15Trek de schoenen aan van de bereidheid om het goede nieuws van de vrede met God bekend te maken.

16In elk gevecht zult u het geloof nodig hebben, als een schild waarop alle brandende pijlen van de duivel afketsen.

17U zult niet zonder de helm van de redding kunnen of zonder het zwaard van de Geest, het woord van God.

18Bid voortdurend en laat u daarbij leiden door de Heilige Geest. Verslap daarin niet, maar houd vol en bid onafgebroken voor de andere christenen.

19Bid ook voor mij; vraag God mij de juiste woorden te geven als ik mijn mond open doe, zodat ik vrijmoedig het geheim van het goede nieuws bekend mag maken.

20Als gezant van de Here zit ik hier geboeid in de gevangenis. Bid daarom dat ik onbevreesd zal zeggen wat ik zeggen moet.

21Tychicus, een fijne broeder en een trouwe hulp in het werk van de Here, zal u precies vertellen hoe het met mij gaat.

22Ik stuur hem alleen maar naar u toe om u te laten weten hoe het met ons is, om u daarmee te bemoedigen.

23Broeders, ik vraag God de Vader en de Here Jezus Christus u de vrede en de liefde te geven, die het geloof met zich meebrengt.

24Allen die een blijvende liefde voor onze Here Jezus Christus hebben, wens ik de genade van God toe.

Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®

Choose Translation

Switch translation for Ephesians 6.

Reading Settings

Paragraph viewDisplay verses as flowing paragraphs instead of individual lines
Show verse numbersDisplay verse numbers inline
Red letterHighlight the words of Christ in red

Sign in to save your reading preferences across sessions.