2 Thessalonians 3HTB2007

1Broeders, ik vraag u voor ons te blijven bidden. Bid dat het goede nieuws van de Here zich snel zal verspreiden en overal zo'n invloed zal hebben dat de mensen Hem gaan eren, zoals ook bij u het geval is.

2Bid ook dat wij mogen ontkomen uit de klauwen van kwaadaardige mensen, want niet iedereen vertrouwt op de Here.

3Wij weten dat de Here wel te vertrouwen is. Hij zal u sterk maken en u tegen de aanvallen van de duivel beschermen.

4De Here geeft ons de overtuiging dat u altijd zult doen wat wij u zeggen.

5De Here moge u een steeds beter begrip geven van Gods liefde en Christus' geduld.

6Broeders, namens de Here Jezus Christus moeten wij u zeggen dat u geen contact meer mag hebben met broeders, die hun plicht verzaken en niet doen wat wij u hebben geleerd.

7U weet zelf hoe wij bij u hebben geleefd. Daaraan kunt u een voorbeeld nemen. U hebt ons onze plicht zien vervullen.

8Wij hebben van niemand geprofiteerd; dag en nacht hebben wij hard gewerkt om niemand tot last te zijn.

9Wij hadden dat overigens best van u mogen eisen, maar hebben het niet gedaan om u tot een voorbeeld te zijn. Leef daar dan ook naar!

10Toen wij nog bij u waren, hebben we u er al op gewezen dat iemand die niet wil werken, ook geen eten krijgt.

11Want wij horen dat er sommigen onder u zijn die hun plichten niet vervullen. Zij werken niet, maar houden zich bezig met zaken die hun niet aangaan.

12In de naam van de Here Jezus Christus dragen wij zulke broeders op rustig aan het werk te gaan en hun eigen brood te verdienen.

13Wat uzelf betreft, broeders, laat u niet ontmoedigen en blijf het goede doen.

14Als iemand niet luistert naar wat wij in deze brief zeggen, moet u hem als ongehoorzaam bestempelen en links laten liggen om hem te laten voelen hoe fout hij is.

15Behandel hem niet als een vijand, maar als een broeder die gewaarschuwd moet worden.

16Ik wens u toe dat de Here van de vrede u altijd Zijn vrede zal laten ervaren, wat er ook gebeurt. Laat Hij bij u allen zijn.

17Zoals aan het slot van al mijn brieven, schrijf ik, Paulus, zelf de groet. Daaraan kunt u zien dat een brief van mij komt. Kijk, zo schrijf ik.

18Ik wens u allen de genade van onze Here Jezus Christus toe.

Copyright © 1979, 1988, 2007 by Biblica, Inc.®

Choose Translation

Switch translation for 2 Thessalonians 3.

Reading Settings

Paragraph viewDisplay verses as flowing paragraphs instead of individual lines
Show verse numbersDisplay verse numbers inline
Red letterHighlight the words of Christ in red

Sign in to save your reading preferences across sessions.